Hoe is een betalingskenmerk opgebouwd?
Een betalingskenmerk van de Belastingdienst heeft altijd 16 cijfers. De Belastingdienst maakt het uit het aanslag- of aangiftenummer, zodat je betaling automatisch bij de juiste aanslag terechtkomt. Neem als voorbeeld het kenmerk 0036 0000 1130 2270 van een btw-aangifte:
| Positie | Cijfers | Betekenis |
|---|---|---|
| 1 | 0 | Controlecijfer (modulus 11 over de andere 15 cijfers) |
| 2–9 | 03600001 | Eerste 8 cijfers van het BSN of RSIN. Het 9e cijfer volgt uit de elfproef. |
| 10 | 1 | Soort belasting: 1 = aangifte omzetbelasting |
| 11 | 3 | Laatste cijfer van het jaar (2023) |
| 12–13 | 02 | Subnummer |
| 14–15 | 27 | Tijdvak: 27 = derde kwartaal |
| 16 | 0 | Volgnummer |
Bij andere belastingen, zoals inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting, is de indeling iets anders. De tool hierboven herkent dat automatisch en laat per cijfer zien wat het betekent.
Welke soort belasting hoort bij welke code?
In het aanslagnummer staat een letter voor de soort belasting (het middel). In het betalingskenmerk is die letter omgezet naar cijfers:
| Code in kenmerk | Letter | Soort belasting |
|---|---|---|
1 (positie 10) | B | Aangifte omzetbelasting (btw) |
5 (positie 10) | F | Naheffingsaanslag omzetbelasting |
6 (positie 10) | L | Aangifte loonheffingen |
0 (positie 10) | A | Naheffingsaanslag loonheffingen |
70 | H | Inkomstenbelasting |
73 | N | Inkomstenbelasting (gemoedsbezwaarden) |
71 | P | Conserverende aanslag inkomstenbelasting |
75 | W | Bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) |
74, 80–84, 92–96 | V | Vennootschapsbelasting |
78 / 76 | M / Y | Houderschapsbelasting: aangifte / naheffingsaanslag |
87 / 88 | M / Y | Houderschapsbelasting vrachtwagens en bussen: aangifte / naheffingsaanslag |
85 / 86 | Z | Eurovignet: aangifte / naheffingsaanslag |
97 | Z | Landinrichtingsrente of verontreinigingsheffing rijkswateren |
23–28 | T | Toeslagen: kinderopvangtoeslag, huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en boetes |
Tijdvakcodes voor btw en loonheffingen
Bij omzetbelasting en loonheffingen staat in het kenmerk een code van twee cijfers voor het tijdvak:
| Code | Tijdvak |
|---|---|
01–12 | Maand (01 = januari, 12 = december) |
21, 24, 27, 30 | 1e, 2e, 3e en 4e kwartaal |
31, 32 | 1e en 2e halfjaar |
40 | Heel jaar |
71–83 | Vierwekenperiode 1 tot en met 13 (loonheffingen) |
Veelgestelde vragen
Wat is een betalingskenmerk van de Belastingdienst?
Een betalingskenmerk is een code van 16 cijfers die je meestuurt als je de Belastingdienst betaalt. De Belastingdienst maakt het kenmerk uit het aanslag- of aangiftenummer. Zo kan je betaling automatisch aan de juiste aanslag of aangifte worden gekoppeld.
Wat is het verschil tussen een betalingskenmerk en een aanslagnummer?
Het aanslagnummer bestaat uit je BSN of RSIN, een letter voor de soort belasting (bijvoorbeeld H voor inkomstenbelasting of B voor omzetbelasting) en cijfers voor het jaar en tijdvak. Het betalingskenmerk is een omgerekende versie van dat nummer met alleen cijfers en een controlecijfer, zodat banken het kunnen verwerken.
Waar vind ik mijn betalingskenmerk?
Bij een aanslag of beschikking staat het betalingskenmerk bij de betaalgegevens op de brief. Bij een aangifte omzetbelasting of loonheffingen vind je het in Mijn Belastingdienst Zakelijk en in de bevestiging van je aangifte.
Hoe weet ik of een betalingskenmerk klopt?
Het eerste cijfer is een controlecijfer, berekend met een modulus-11 controle over de andere 15 cijfers. Belastingskenmerk.nl rekent dit na en meldt het als het controlecijfer niet klopt, bijvoorbeeld door een typefout.
Wordt mijn BSN opgeslagen?
Nee. Het ontcijferen gebeurt volledig in je eigen browser. Het betalingskenmerk en het BSN worden nooit naar een server verstuurd of opgeslagen.
Waarom staat het jaartal maar met één cijfer in het kenmerk?
Het betalingskenmerk bevat alleen het laatste cijfer van het jaar. Een 3 kan dus 2023 betekenen, maar ook 2013. Belastingskenmerk.nl kiest het meest recente jaar dat past.